Kasteel Trakai

Na de Slag bij Tannenberg in 1410 was de Duitse Orde, de erfvijand van het Pools-Litouwse bondgenootschap, uitgeschakeld en verloor het kasteel zijn militaire belang. Het kreeg een bestemming als woonresidentie van de grootvorst van Litouwen en later als zomerpaleis voor de koningen van Polen (die tevens grootvorst van Litouwen waren). Het interieur werd gedecoreerd met fresco’s; een deel daarvan is bewaard gebleven. Daarna fungeerde het kasteel als gevangenis. In de oorlogen met het Grootvorstendom Moskou in de 17e eeuw werd het kasteel beschadigd. De schade werd niet meer hersteld en het kasteel raakte in verval.
Restauratie
In de twintigste eeuw is het kasteel weer in fases hersteld in een vijftiende-eeuwse stijl. In de 19e eeuw werden al restauratieplannen gemaakt. Tussen 1935 en 1941 en van 1946 tot 1961 is de restauratie uitgevoerd. Het huidige kasteel is gebouwd op de ruïnes van het oude kasteel; de nieuwe gedeeltes zijn in rode baksteen uitgevoerd en contrasteren met de grauwe keien van de oude gedeeltes. Kasteel Trakai is nu een van de populairste toeristische bestemmingen van Litouwen. In het kasteel is een historisch museum gevestigd. Een houten brug verbindt het kasteel met het vasteland.
Tweede kasteel
Op een schiereiland tussen het Galvėmeer en het Lukameer ligt een tweede kasteel, dat in dezelfde tijd gebouwd is. In het Litouws wordt dit het Trakų pusiasalio pilis (‘Schiereilandkasteel van Trakai’) genoemd. Het werd in de 17e eeuw vernield en is, in tegenstelling tot het Eilandkasteel, maar zeer gedeeltelijk gerestaureerd. Slechts één toren is opgeknapt.